Nietsvermoedend loop ik die zondagochtend de supermarkt in. Langzaam struin ik door de nog bijna lege winkel, vul mijn mandje met een brood, lekkere appel-kruimel koeken, een pak melk, en een paar lekkere bagels voor het ontbijt. Zou ze er zijn, vraag ik me af. Als ik bij kassa vier aankom, is de teleurstelling groot. Ze is er niet. Waar is Anusheh, vraag ik aan de jongen die achter de kassa zit. Anusheh komt niet meer zegt hij, ze is terug naar Iran.
Verbijsterd betaal ik mijn boodschappen, en met trillende benen loop ik naar buiten, verslagen. We hebben het er vaak over gehad, dat ze de ‘vrijheid’ die Nederland te bieden had, beu was, en er over dacht om terug te gaan naar haar ‘andere thuis’, zoals ze het noemde, maar dat ze het echt zou doen, dat had ik nooit verwacht. Als ze zondags een halve dienst draaide, wachtte ik vaak even op haar, en dan liepen we naar het park, om te praten over Nederland, over geloof, over familie, en over vrijheid. We herkenden elkaar in die strijd met de vrijheid, die ons al dan niet werd opgedrongen. Mijn strijd met zondags boodschappen doen, in plaats van naar de kerk te gaan. Ze moest altijd om me lachen, als ik weer met een gepijnigd gezicht aan de kassa stond. Desondanks toverde zij elke zondag een lach op mijn gezicht, met haar stralende ogen, en prachtige hoofddoek, waar ze overduidelijk een schitterende bos met glanzend zwart haar onder verborgen hield. In het park kregen we vaak schuine blikken toegeworpen. Wat moest deze blanke man met deze moslima? Het deerde ons niet.
Anusheh was een trotse moslima, die haar eigen weg zocht. Thuis werd dat niet altijd op prijs gesteld. Haar broers vonden haar te vrij. Ze wierp hun dan hun eigen dubbele moraal voor de voeten. Wel met een maagd willen trouwen, maar voor die tijd toch met velerlei meisjes aanpappen, in de hoop dat. Haar vader begreep haar beter, en had meer vertrouwen in haar. Hij was Iran 25 jaar geleden ontvlucht. Zijn kritische houding over hoe de Islam werd misbruikt door het regime bracht hem regelmatig in de problemen. Na zijn vlucht was hij in Nederland terecht gekomen, waar hij Anusheh’s moeder ontmoette. Ze droegen de Islam met verve uit, en genoten van de vrijheid van Nederland. De Islam van vrede.
Met mij sprak Anusheh over de steeds toenemende ‘vrijheid’ in Nederland, die ze altijd tussen quotes uitsprak. Na de ‘vrijheid’ om de hoofddoek niet te mogen dragen in publieke functies, en na de ‘vrijheid’ om de hoofddoek niet te mogen dragen in het openbaar vervoer, vreesde ze voor haar ‘vrijheid’ om de hoofddoek ook niet meer achter de kassa te mogen dragen. Waar en wanneer zal deze ‘vrijheid’ stoppen vroeg ze zich vaak af. Wat heb ik nu aan een ‘vrijheid’ die mij het recht ontzegt om me te kleden zoals ik dat wil. Ik keek haar dan schuldbewust aan. Ik weet het niet was het enige wat ik kon zeggen. Is het in Iran zo veel beter dan, was mijn tegenvraag meestal. Nee, zei ze dan, maar ik moet kiezen tussen een ‘vrijheid’ die mij ontzegt wat ik wil, en een dwang die mij oplegt wat ik niet wil. Een onmogelijke keuze in mijn ogen.
Maar ze heeft nu dus toch gekozen. Het verdriet mij, dat ik haar niet heb kunnen overtuigen, dat al die mensen die zo zeiden te strijden voor haar recht op vrijheid, die haar de onvrijheid hebben ingestuurd, niet alle Nederlanders vertegenwoordigen. Stop deze ‘vrijheid’!
Dit is mijn bijdrage aan de schrijfwedstrijd ‘Stop de Vrijheid!’ van de Trouw.